Kennis · Belichting
Wisselend contrast veroorzaakt gemiste detecties, valse afkeur en extra operatoringrepen. Deze gids helpt u ringlicht, bar, backlight, koepel of stroboscoop te kiezen op basis van oppervlak, beweging, beeldveld en inbouwruimte.
Leg de keuze vast met een proef op representatieve goede, slechte en grensgevallen, bij de werkelijke snelheid en met de geplande afscherming.

Computer Vision belichting is geen accessoire bij de camera, het is het optische gereedschap dat bepaalt of een kenmerk überhaupt bestaat in het digitale beeld. Software kan alleen beslissen over pixels die contrast tonen. Een kras, etiketrand, soldeerverbinding of Data Matrix-module die in ongecontroleerd fabriekslicht verdwijnt, blijft onzichtbaar voor elk algoritme, ongeacht megapixels of merk.
projectteams bestellen vaak eerst een camera en een lens, en “regelen het licht later”. In de praktijk is dat de duurste volgorde: weken tuning, hoge gain, valse rejects, en uiteindelijk alsnog een andere lichtgeometrie. Omgekeerd redt een goede belichting routinematig een bescheidener sensor. Behandel camera, lens en lichtbron als één ontwerp, niet als drie aparte inkooporders.
In de Sedeco-catalogus vindt u de productfamilies onder de belichtingshub: ringlichten, barlichten, doorlichting (backlights), koepels, stroboscooplampen en controllers. Deze gids biedt genoeg fysica en toepassingslogica om een geometrie te kiezen en een haalbaarheidsproef te plannen, zonder verzonnen productclaims.
Denk aan belichting als het antwoord op één vraag: welke fotonen moeten het kenmerk bereiken, en vanuit welke hoek, zodat de sensor een stabiel verschil ziet tussen goed en fout? Alles wat daarna komt, thresholds, templates, neurale netwerken, bouwt voort op dat verschil. Verschuift de hoek van een barlicht met twee graden na onderhoud, of wisselt de batchglans, dan verschuift ook uw percentage valse afkeuringen. Daarom documenteert u lamppositie, controllerrecept en filters net zo serieus als camerabelichtingstijd.
In één zin
Belichting vormt contrast zodat de camera een betrouwbaar beeld krijgt; zonder stabiel contrast is Computer Vision giswerk, geen meting.
De vorm van de lichtbron, en vooral de invalshoek ten opzichte van camera en product, bepaalt of u bright-field, dark-field of silhouetcontrast krijgt. Merknamen verschillen; de geometrische families hieronder zijn wat u in de meeste stations tegenkomt. Start altijd vanuit de belichtingscatalogus met een hypothese, en bevestig die op echte samples.

Een ringlicht zit typisch rond de lens of dicht bij de optische as. Het levert relatief gelijkmatig voorlicht, handig voor etiketten, print, assemblage-aanwezigheid en veel “is het er?”-controles op matte of halfmatte oppervlakken. Op sterk spiegelende producten kan een coaxiale of ringgeometrie hotspots maken: heldere vlekken die codes of krassen uitwissen. Dan schuift u naar dark-field (lage invalshoek), een koepel, of polarisatie.
Varianten: low-angle ringlichten (LED’s die schuin op het oppervlak vallen) maken randen, inkepingen en laseretsen lichter dan het vlakke veld, klassiek voor DPM en oppervlaktetextuur. High-angle of on-axis ringlichten benaderen bright-field. Sommige rings hebben sectoren die u afzonderlijk kunt aansturen; dat helpt wanneer één productkant glanst en de andere niet.
Barlichten zijn langwerpige LED-strips. U zet er één of meer onder een gecontroleerde hoek, vaak als dark-field-paar aan weerszijden van een product, of als eenzijdige belichting voor randen en spleten. Op lange banen en bij line-scan-achtige taken werken barlichten goed omdat u de lichtlijn kunt aligneren met de scanrichting. Voor area-scanstations zijn twee bars vaak voldoende om een mat oppervlak te vullen zonder de schaduwen van één harde spot.
Let op montagevrijheid: bars vragen beugels, kabelrouting en soms diffusors. Een “goedkope bar zonder mechanica” eindigt als een wiebelend prototype. Plan de beugel mee in het BOM.
Een backlight staat achter of onder het product en maakt een silhouet: helder veld, donker object (of omgekeerd bij transparante delen). Dat is ideaal voor contouren, diameters, gaten, vulniveauvensters in doorzichtige flessen, en veel 2D-metingen waarbij u een scherpe rand wilt. Software meet randen betrouwbaarder op een silhouet dan op een halfbelicht 3D-uiterlijk.
Beperkingen: u ziet geen print op de voorzijde; dikke of volledig ondoorzichtige producten blokkeren het licht; en collimated of telecentrische backlight-opties zijn soms nodig wanneer parallele randen cruciaal zijn. Combineer backlight met voorlicht alleen wanneer beide taken echt in één station moeten, vaak is een tweede camera schoner.
| Geometrie | Typisch contrast | Sterk bij | Let op |
|---|---|---|---|
| Ring | Bright-field / low-angle | Etiketten, print, algemene QC | Hotspots op glans |
| Bar | Dark-field of gericht voorlicht | Randen, banen, spleten | Mechanica & uitlijning |
| Backlight | Silhouet | Contour, gat, diameter | Geen voorzijde-detail |
Een koepel omringt het product met diffus, multi-directioneel licht. Spiegelreflecties worden “uitgesmeerd” zodat glanzende plastic, folie, geborsteld metaal of gewelfde oppervlakken leesbaar blijven. Dome-belichting is de klassieke redder bij DPM op metaal, cosmetische inspectie van glanzende spuitgietdelen, en codes onder overlaminates, wanneer een ringlicht alleen hotspots toont.
Nadelen: de koepel heeft fysieke ruimte nodig; de camera kijkt door een opening; en extreme low-angle textuurcontrast kan zachter worden dan met een dedicated dark-field bar. Test altijd of het kenmerk dat u zoekt (kras versus print versus ets) onder de koepel nog genoeg contrast houdt.
Een stroboscoop is geen aparte “vorm”, maar een aandrijfmodus: een korte, felle lichtpuls gesynchroniseerd met de camerabelichting. Daarmee bevriest u beweging op conveyors en robots zonder de belichtingstijd zo lang te maken dat motion blur ontstaat. Veel industriële LED-lampen, ring, bar, backlight, koepel, kunnen continuous of pulsed werken, afhankelijk van de controller.
Bij area-scanstations met global shutter wordt voor bewegende producten vaak strobebelichting gebruikt. Bij line scan is continue of hoogfrequente verlichting langs de scanlijn gebruikelijker, al komt gepulseerde synchronisatie ook voor. Stem de lichtcontroller af op trigger, belichtingstijd en eventuele encoder. Een helder laboratoriumbeeld is geen volledige beoordeling.
Productoverzicht en families: zie opnieuw de Computer Vision belichting-hub wanneer u van geometrie naar concrete cataloguskeuze gaat.
Continu licht is eenvoudig: de lamp staat aan, operators zien de scène, en u stelt belichtingstijd en diafragma in tot het beeld klopt. Dat werkt in labopstellingen, stilstaande fixtures en trage stations. Zodra producten tijdens de belichting bewegen, moet u óf de belichtingstijd verkorten (minder fotonen → meer gain → meer ruis), óf meer fotonen in een korter venster leveren, dat is strobe.

Kies continu wanneer het product stilstaat of traag genoeg is, wanneer u live focus wilt afstellen zonder triggerhardware, of wanneer warmte en LED-levensduur onder continue belasting acceptabel zijn. Sommige lampen zijn voor continuous duty ontworpen; andere worden in continuous mode warmer of dimmer dan in pulse, lees de controllerdocumentatie van de leverancier, zonder aannames over een specifieke Sedeco-SKU.
Kies strobe wanneer conveyorsnelheid motion blur veroorzaakt, wanneer u omgevingslicht wilt “overstemmen” met een korte felle puls (de sensor ziet vooral uw licht), of wanneer u duty cycle wilt verlagen voor thermisch comfort. Synchronisatie is niet optioneel: camera-trigger, light-trigger en productpositie moeten in één timingbudget passen. Een verkeerd gepolariseerde of te late puls geeft halfbelichte frames die eruitzien als “slechte camera’s”.
Vuistregel: verhoog eerst lichtintensiteit (of verkort de puls met meer ampère waar veilig), verhoog gain als laatste. Ruis is geen vervanging voor fotonen. Koppel dit aan shutterkeuze op de area scan-camera: global shutter plus strobe is de industriële standaardcombinatie bij beweging.
Praktisch tip voor inbedrijfstelling: leg één golden frame vast onder het goedgekeurde strobe-recept en bewaar controllerinstellingen naast het visionrecept. Wanneer operators later “iets helderder” zetten zonder de camera te herkalibreren, ontdekt u dat aan driftende scores, niet pas wanneer de lijn stilstaat. Houd continuous-mode alleen als debug-hulpmiddel wanneer de machine stilstaat; productie draait op het gepulseerde recept.
Dezelfde lamp kan op twee materialen totaal verschillend presteren. Mat karton absorbeert en verstrooit; gepolijst roestvast staal spiegelt de LED’s als lampjes in de camera; een gewelfde fles stuurt reflecties naar onvoorspelbare hoeken; helder plastic laat backlight door maar toont krassen alleen onder dark-field.
Breng naar een belichtingsproef altijd golden parts, borderline fails, en de viesste of glanzendste variant mee. Als een mens het defect onder de voorgestelde lamp niet ziet, zal software het ook niet “leren”. De feasibility checklist helpt die intake te structureren.
Noteer tijdens de proef het resultaat, de werkafstand, invalshoeken, gebruikte diffusors, polarisatie-oriëntatie en de afscherming van omgevingslicht. Deze gegevens maken een volgende opstelling beter reproduceerbaar. Herhaal bij een andere cameraresolutie of lensopening ten minste een korte lichtcontrole, omdat een gewijzigde optische instelling het eerder goedgekeurde contrast kan verminderen.
Een polarisatiefilter op de lichtbron en een gekruist filter op de lens kunnen spiegelreflecties verzwakken, terwijl diffuus licht van het kenmerk de sensor nog bereikt. Dit werkt vaak bij kunststof trays, gelakte metalen, blisterverpakkingen en gelamineerde etiketten. Test altijd of het gezochte defect zichtbaar blijft.
Kosten van polarisatie: u verliest lichtintensiteit, soms significant. U heeft dus meer LED-vermogen, een langere puls, of een snellere lensopening nodig. Polarizers slijten, krassen en warmen; plan vervanging en houd ze schoon. Niet elk oppervlak reageert hetzelfde: sommige coatingen depolariseren; sommige kenmerken verdwijnen mee met de glare. Draai de filters en kijk live: als het defect en de glare samen verdwijnen, is polarisatie de verkeerde tool en moet u geometrie wijzigen.
Polarisatie hoort bij het optische pad samen met de lens. Commission altijd met de filters die u in productie zult gebruiken, niet “later toevoegen”.
Datasheets noemen kleur, intensiteit, werkafstand, afmetingen, IP-klasse, connectoren en controllerinterfaces. Gebruik de volgorde hieronder voor een eerste selectie en bevestig die daarna met productiesamples. Een cataloguswaarde bewijst nog geen bruikbaar contrast of levensduur in de machine.
Past de lamp in de machine-envelop? Kan de camera door de koepelopening kijken? Is de backlight groot genoeg voor het FOV plus plaatsingstolerantie? Meet inbouwruimte voor u een catalogusplaatje bestelt.
Wit is veelzijdig voor kleurinspectie en operators. Rood of blauw kan contrast verhogen op bepaalde inkten en materialen; IR kan print op donkere ondergronden of door bepaalde coatings anders tonen. Mono-camera’s profiteren vaak van smalle LED-kleuren plus eventuele bandpassfilters. Kies kleur op sampleproef, niet op gewoonte.
Controleer of de lamp en controller de gewenste modus ondersteunen, inclusief maximale pulse-stroom en duty cycle. Oversturen zonder thermische marge verkort LED-leven en verschuift kleur.
Een light controller synchroniseert met PLC of camera. Digitale inputs, strobe-uitgangen, dimmen per kanaal en multi-zone control maken recepten mogelijk over SKU’s. Bevestig kabelstandaarden en of PoE of aparte 24 V-voeding in uw paneel past.
Diffusors egaliseren hotspots maar kosten licht. IP-ratings, food-grade materialen en bestandheid tegen koelmiddel of stof bepalen of de lamp een week of vijf jaar meegaat. Beschermruiten voegen reflecties toe, test mét ruit.

Architectuurvraag apart: of verwerking op een smart device of PC hoort, beïnvloedt niet de lichtfysica, maar wel wie recepten beheert. Zie smart camera vs PC-based vision wanneer die keuze nog open is.
De lichtfamilies blijven gelijk; acceptatiecriteria en hygiëne-eisen veranderen per sector.
Etiketten, datumcodes, sealvensters en doosassemblage op snelle banden. Stroboscoop + global shutter houden randen scherp. Wit of rood licht voor print; backlight voor vulniveau in heldere flessen. Polarisatie helpt bij glanzende folies.
Clips, schroefdraad, pakkingen en bewerkte vlakken. Oliefilms en geborsteld metaal dwingen tot dark-field of dome. Robotcellen vragen stevige mounts en voorspelbare triggerketens.
PCB-kenmerken, connectoren en soldeersignalen vragen vaak coaxiale of dome-achtige egalisatie. ESD en warmte beïnvloeden behuizingskeuze; IR kan bepaalde coatings anders tonen. Kleine features betekenen genoeg lux bij korte belichting.
Reproduceerbaarheid en receptbeheer domineren. Documenteer lamppositie, controllerinstellingen en filteropbouw, zodat de validatie herhaalbaar blijft en niet afhangt van één helder proefbeeld.
Standaardiseer op een kleine set controllers en connectoren over machines die wereldwijd worden geleverd. Lange-termijnbeschikbaarheid van LED-modules en beugels weegt even zwaar als piekintensiteit. Leg het optische recept vast voor field service.
OEM’s die tientallen identieke cellen bouwen, winnen het meeste met één bewezen lichtpakket per taakfamilie, niet met maatwerk per serienummer. Reserveer engineeringtijd voor de eerste twee cellen (samplematrix, strobe-timing, polarisatie), en kopieer daarna montageplaatjes en kabelbomen. Zo blijft service voorspelbaar en voorkomt u dat elke fabriek “zijn eigen ringhoek” ontwikkelt.
Zelden als contrast ontbreekt. Meer megapixels zonder fotonen op het kenmerk leveren alleen scherpere ruis. Investeer eerst in geometrie en intensiteit die het defect zichtbaar maken.
Wanneer glans of kromming hotspots maakt die codes of cosmetische defecten wissen. Dome egaliseert; ring is sneller en goedkoper op matte, vlakke taken.
Nee, alleen wanneer beweging tijdens belichting blur of inconsistente belichting veroorzaakt, of wanneer u omgevingslicht wilt overstemmen. Stilstaande fixtures kunnen met continuous werken.
Test op echte samples. Wit is flexibel; smalle kleuren (rood/blauw/IR) verhogen soms contrast op mono-camera’s. Laat kleur niet door catalogusgewoonte beslissen.
Nee. Het helpt bij spiegelreflecties, kost licht, en kan gewenste kenmerken mee dempen. Als polarisatie faalt, wijzig geometrie (dome, dark-field, hoek).
Soms, met multi-zone control en recepten. Vaak niet, glanzende versus matte families vragen verschillende geometrieën. Plan wisselrecepten of een tweede station.
Op de belichtingshub filtert u op familie (ring, bar, backlight, koepel, strobe/controllers). Koppel daarna camera en lens via Camera’s en de lensgids.
U heeft nu het model: kies geometrie op kenmerk en oppervlak, kies continuous of strobe op beweging, temper glare met polarisatie of dome, en valideer op echte samples voor u de BOM bevriest.
Ring-, balk-, backlight-, koepel- en strobebelichting met bijbehorende controllers.
Area scan, line scan, smart en 3D, shutter en interface bij uw lichtplan.
FOV, opening en filters delen het fotonenbudget met de lamp.
Stuur samples, takt en inbouwruimte, wij helpen de lichtgeometrie te testen.
Gerelateerd: feasibility checklist · area scan-gids · Kennis.
U weet wat Computer Vision-belichting is. Ga door naar selectie: koppel belichtingsgeometrie aan lens en camera voor stabiel contrast.